Universele uitvoeringsvoorschriften aangepast

Nederland hanteert een aantal universele uitvoeringsvoorschriften die gelden voor alle belastingverdragen behalve het verdrag met de Verenigde Staten van Amerika. De staatssecretaris van Financiën heeft een geactualiseerde versie van deze regeling gepubliceerd.

Ten opzichte van de vorige versie is het begrip dividenden nader toegelicht en is de verjaringstermijn aangepast aan het recht van de Europese Unie. In de meeste Nederlandse belastingverdragen wordt onderscheid gemaakt tussen 'portfolio- of beleggingsdividenden' en 'deelnemingsdividenden'. Voor portfoliodividenden bedraagt de bronheffing in belastingverdragen meestal 15% en in een aantal verdragen 10%. Voor deelnemingsdividenden geldt meestal een lagere bronheffing van 10%, 5% of 0%, afhankelijk van een zeker minimumbelang. In de universele uitvoeringsvoorschriften worden met deelnemingsdividenden steeds dividenden bedoeld uit een deelneming die voldoet aan het in het betreffende belastingverdrag gestelde minimum. Alle andere dividenden zijn portfoliodividenden.

Verzoeken om teruggaaf van belasting moeten worden ingediend binnen de in het betreffende verdrag gestelde termijn. Als in belastingverdragen met lidstaten van de Europese Unie een kortere verjaringstermijn is opgenomen dan vijf jaar, geldt voor de teruggaaf van ingehouden dividendbelasting een termijn van vijf jaar.

10 augustus 2012